Davis Cup, vervolg

Tot 1913 speelden per ronde drie of vier landen mee. AustralasiŽ had zich aangemeld, en ook heeft Oostenrijk een keer gestreden om de Cup. AustralasiŽ was de naam voor het team, dat uit twee Engelse koloniŽn bestond: AustraliŽ en Nieuw Zeeland, dat de in Engeland studerende latere Wimbledon kampioen Anthony Wilding in haar gelederen telde, terwijl Norman Brookes uit AustraliŽ afkomstig was.

Het Nederlandse bondsbestuur heeft in deze periode geregeld overwogen in te schrijven, maar men achtte zich niet sterk genoeg en wilde voorkomen een flater te slaan. Enkele Nederlandse topspelers vonden dit niet terecht. Met name beschikte de jonge Gerard Scheurleer over de capaciteiten te groeien in het internationale tennis en ongeveer hetzelfde niveau hadden spelers als Otto Blom, Maas van der Feen en R . van Lennep. Zij speelden in de periode tussen 1910 en 1914 geregeld op Wimbledon, en wisten daar ook enkele overwinningen te behalen.

De oprichting van de I.L.T.F. door dertien landen, waaronder Nederland, in vergadering bijeen te Parijs in 1913 was van grote invloed op het succes van de enigszins kwijnende Davis Cup. De competitie werd aanzienlijk uitgebreid. Duitsland, Frankrijk en BelgiŽ meldden zich (weer) aan, en ook Zuid-Afrika en Canada. De U.S.A. heroverde de beker. Nederland had besloten niet in te schrijven, omdat men zich niet sterk genoeg achtte. 1914 was het jaar, dat de eerste wereldoorlog begon. De strijd om de Davis Cup kon nog net gestreden worden. Voor het eerst werd de Cup veroverd door AustralasiŽ. In 1919 werd het toernooi hervat, en het was wederom AustralasiŽ, dat de sterkste bleek.

Voor de Nederlandse tennisgeschiedenis is 1920 een sleuteljaar. Voor het eerst achtte het bondsbestuur een inschrijving de moeite waard. In 1919 hadden de Nederlanders Diemer Kool en Van Lennep al bewezen mee te kunnen met de Europese top. Deze eerste wedstrijden hadden grote impact op de vaderlandse tennispolitiek. Het leidde tot successen, maar ook tot grote ruzies. Het gezapige en wat geÔsoleerde tenniswereldje zou pas weer tot rust komen in de periode na de tweede wereldoorlog, toen de maatschappelijke energie meer gericht was op wederopbouw dan op sportprestaties. De Nederlandse rol in het toernooi om de Davis Cup zou vanaf de jaren negentig van de vorige eeuw aanzienlijk groter worden. Het spelerspotentieel was van dien aard, dat zelfs de gedachte aan een eindzege niet irreŽel was.














Colofon© 2004 - 2008 robertblom.nlDisclaimer